Maarten schudde zijn hoofd. ‘Dat is het enige dat plezierig is, breedvoerig leuteren, over niks.’
(“Bij nader inzien”, J.J. Voskuil, Amsterdam 1957-1962, “dinsdag 2 november 1948”)

Zelden heeft een auteur zijn werk zo krachtig samengevat, van een overigens lijvig — en zeer boeiend — boek.