Jef Van Staeyen

Tag: architectuur en stedenbouw (Pagina 1 van 29)

groeten uit Ringpark West

Een project mag je niet beoordelen voor het voltooid is, vind ik. Dat schreef ik ook over de verbouwing-uitbreiding van het Steen toen de kritiek losbarstte: de aannemer had de stellingen verwijderd en plots zagen Antwerpenaars wat veeleer op een woonzorgcentrum leek. Nadien heb ik de critici wel gelijk moeten geven: het verbouwde Steen is een miskleun, maar niet om dezelfde reden als eerst werd gezegd. Het gebouw is niet geschikt voor zijn bestemming als bezoekerscentrum, en het is bouwfysisch niet in orde, het brokkelt af.

Wanneer een bouwheer — of een rist bouwheren: de Grote Verbinding — met trots meldt dat een project, in casu het Ringpark West, voltooid is: Komt dat zien, Ringpark West is af!, dan ga ik zien. En voel me geoorloofd een oordeel te vellen.
Ik ging, zag, en… vond geen Ringpark. Wel zag ik een aantal natuurgebieden die er al vijftig jaar zijn, én kilometers straten in breed bordeaux-kleurig asfalt, inclusief (soms) verkeersborden en wegmarkeringen. Heel plaatselijk zag ik aanplantingetjes van boompjes (in twee maten) en rood-witte GR-stickers. Ik zag echter géén voetwegen om de bestaande natuurgebieden met elkaar te verbinden. Als voetganger, als wandelaar heb je geen andere keuze dan de brede bordeaux-kleurige straten te gebruiken. Het zijn fietspaden, waar alles je zegt dat je niet welkom bent. Je gaat dus best aan de linkerkant en, ben je met meerderen, in een rij achter elkaar. Ga je over een brug, dan zorgt een extra-hoge gesloten borstwering ervoor dat je zo weinig mogelijk van de omgeving ziet (de autoweg, of de planten en dieren in een ecostrook). Er hangt een roestvrij stalen handgreep aan, zodat fietsers niet moeten afstappen als ze toch even halt willen houden. Eén van die bruggen, een extra-brede, wordt pompeus een recreaduct genoemd, en heeft aarden wallen. De autoweg eronder mag je wel horen maar niet zien, tenzij sluiks, achter de hoek. Er is in heel dat park ook niets voor het comfort gedaan: geen zitbank, geen picknick-hoek, geen panorama met wat uitleg bij. [Ga naar de polders van Kruibeke om te zien hoe je zoiets beter doet.]

Geen verbindende wandelpaden maar brede fietspaden in Ringpark West

Niet getreurd, want er zijn ook minder saaie plekken. Wat verder kan je je vergapen aan enkele infrastructurele hoogstandjes, waarvan sommige esthetisch niet te versmaden zijn. Je kan op de berm klimmen naar een uitzichtspunt van waar je uiteindelijk wel de autoweg ziet — straks staat er allicht een bord ‘verboden voor onbevoegden’ —, er zijn hoge glazen geluidsschermen zodat je de auto’s die je hoort ook ziet, en er staan schermen om de spoorweg tegen het lawaai van de autoweg te beschermen, of is het andersom? En misschien verdwaal je wel, en beland je in het groene laantje van een bedrijvenpark.

Voor wie van infrastructuur houdt, valt er na wat zoeken toch nog wat te zien

Als je verdwaalt kom je misschien hier terecht

Tenzij park een nieuw woord voor fietspad is, bestaat er geen Ringpark West.
Ik maak me zorgen. Wordt het allemaal zo? Nee, of toch? Voor Ringpark Schijn en Ringpark Lobroek zijn boeiende ontwerpen opgemaakt, maar elders zijn er problemen. Aan de Groene Vesten in Berchem — OK, dat is een voorlopige heraanleg, voor de komende… decennia — komt er een nieuw en breder fietspad achter een geluidswal, maar aan de voetgangers wordt nauwelijks gedacht. Aan de rand van het fietspad krijgen ze een smalle strook in halfverharding (stof wanneer de zon schijnt en plassen bij regen), wat bij ervaren fietsers de vrees doet rijzen (1) dat de voetgangers voor hun comfort toch het fietspad gaan gebruiken, en (2) dat er grint op het fietspad komt, wat beide gevaarlijk is — het is een fietssnelweg. Dat voetgangers ook liefst met propere schoenen en via een aangenaam pad vanuit de Grotesteenweg de Polygoonstraat of de Roderveldlaan willen bereiken zonder honderden meters langs drukke wegen om te gaan, die terechte verwachting wordt niet gehoord. Zelfs Natuurpunt, dat blijkens een bord aan de Grotesteenweg de Groene Vesten beheert, heeft er geen oren naar, en de stad Antwerpen oordeelt dat voor een beter voetpad teveel bomen zouden sneuvelen — naast een autoweg die ter plekke tot vijftien rijstroken telt… Ook aan de Groenendaallaan — ik schreef er al over — kan je beter elektrische fietser dan voetganger zijn die vanuit Merksem het station of de wijk Luchtbal wil bereiken. Aan de bult die daar wordt gelegd hebben voetgangers niks, integendeel. [Over de andere projecten spreek ik me hier niet uit.]

Is dat de vooruitgang die in iets meer dan vijftig jaar wordt geboekt? Van een autosnelweg in het groen (naar Amerikaans voorbeeld door het Amerikaans bureau Frederic R. Harris ontworpen en door landschapsontwerper Johan D’Huyvetter in scène gezet, als ik me niet vergis) naar een fietssnelweg in het ‘park’, die op zijn beurt met wegbreedtes, bochtstralen en voorrangsregels de eigen snelheids- en doorstromingslogica aan de omgeving oplegt.

 

Alle foto’s 22 augustus 2026  —  Aangepast 31 augustus 2026

kokerdenken

Vandaag twee merkwaardige artikels in de kranten.

Gazet van Antwerpen meldt dat het Agentschap Natuur en Bos een geliefde zomereik op de Kalmthoutse heide “geringd” heeft. Rondom de boom werd de schors verwijderd, wat de doorstroming van sappen onderbreekt, waardoor hij langzaam sterft. Bezoekers van de heide zijn verrast en zelfs geschokt. Natuur en Bos verdedigt de drastische ingreep: “De Wilgenduin, de plek waar de boom staat, was in de loop der jaren verbost geraakt. [Het gaat om één boom.] Om de duin opnieuw haar natuurlijke functie te geven als infiltratiegebied voor water, moesten er bomen worden verwijderd. Aan de voet van de duin ligt een waardevol kwelgebied waar de plant beenbreek nog voorkomt. Door deze ingreep krijgt deze zeldzame natuur meer kansen.” Bovendien heeft “deze specifieke boom dood meer waarde voor de natuur dan levend. [Het Agentschap is gehaast. Ook als je hem laat leven, gaat de boom ooit dood.] Hij zal in de toekomst een voedselbron en schuilplaats zijn voor schimmels, insecten en andere dieren.”  [Mensen die voor crematie gekozen hebben, moeten daar eens goed over nadenken.]
Het is een Amerikaanse eik, en dergelijke bomen zijn niet de meest rijke biotopen. Ook kunnen ze gevaarlijk zijn. Dat kunnen goede redenen zijn om ze elders te kappen of te ringen. Maar de houding van Natuur en Bos is wel een mooi voorbeeld van eendimensionaal denken. Kokerdenken. Ze gaat volledig voorbij aan de meerlagigheid van wat natuur is, en wat ze voor de mensen betekent. OK, de eik van de Wilgenduin is de beroemde Sycomore Gap Tree in Northumberland niet, maar hij is wel meer dan een exoot die (te) veel water drinkt en zelfs, lezen we verder in de krant, zaailingen maakt [wat ook zijn “natuurlijke functie” is].

Dit is allicht (niet) de eik die onlangs werd “geringd” om langzaam dood te gaan.
Kalmthout, oktober 2012.

De Standaard, van haar kant (regionale pagina’s, Limburg) weet dat in de Runkstersteenweg in Hasselt meer dan tweehonderd bomen moeten verdwijnen. Ze zijn vijftig jaar geleden geplant, en staan in de weg voor de heraanleg en verbreding van het fietspad. Dat fietspad, dat in twee richtingen wordt gebruikt, is twee meter breed, en voldoet niet aan het Vlaamse fietsvademecum. Het nieuwe fietspad wordt drie meter breed, met een bufferstrook van minstens anderhalve meter. Het is duidelijk dat de administratie die in het verleden autowegen heeft aangelegd (en dat nog steeds doet), op dezelfde wijze nu fietspaden bouwt.

Het koker-denken zit waar je dat het minst zou mogen verwachten: bij natuurbeheer en fietsbeleid.

bnb’s, wie bewaart de vrede?

Op 9 juli besteedde De Standaard aandacht aan het feit dat criminele organisaties airbnb’s vaker gebruiken als verstopplaats voor drugs, wapens of crimineel geld.

De artikelenreeks “achter de façades van Airbnb” toonde ons twee clusters van maatschappelijke problemen die door anonieme bnb’s worden veroorzaakt (appartementen in de stad zonder aanspreekbare eigenaar of bewoner). De ene cluster betreft de kanibalisering van de woningmarkt, waarmee de inspanningen van de overheid en van buurtbewoners voor het creëren van aangename woningen in leefbare buurten worden ondermijnd. Ik ga daar niet verder op in.

Een tweede cluster, die onvoldoende wordt onderkend, is het feit dat het verdienmodel van anonieme airbnb’s steunt op het afstoten van taken die in de traditionele hotelsector of bij volbloed bnb’s-met-bewoner door de hotelexploitant en zijn personeel of door de bewoner-gastheer worden uitgevoerd. In anonieme bnb’s worden deze taken en de bijhorende kosten afgewenteld op de buren en op de overheid.
Een zeer belangrijke taak van de hotelexploitant of van de bewoner-gastheer is het bewaren van de vrede. Zij zijn de eersten om daadkrachtig op te treden tegen lastige, lawaaierige of smerige huurders en om zonodig de politie te bellen. Ze zijn daarin zeer efficiënt. In anonieme bnb’s blijft de geplaagde buren geen andere mogelijkheid dan zelf de politie te bellen (die niet altijd snel komt), zelf vuiligheid op te ruimen (in de gemeenschappelijke delen van het gebouw), of mee te betalen aan de nodige herstellingen.
Een aanwezige hotel-exploitant of een bewoner-eigenaar kan er ook voor zorgen dat huisvuil correct wordt gesorteerd en op het juiste ogenblik op de juiste manier op straat wordt gezet. In anonieme bnb’s met anonieme exploitanten en anoniem onderhoudspersoneel dat niet op het optimale ogenblik aanwezig is, lukt dat vaak niet. Het gebouw en de straat verloederen, en de overheid moet vaker optreden. Het profijt is voor de anonieme verhuurder (en voor Airbnb), de lasten zijn voor de buren en voor de overheid.

Terug naar drugs, wapens en prostitutie. “Krijgen we toch een melding over problematische huurders, bijvoorbeeld van buurtbewoners? Dan zullen we altijd de lokale autoriteiten en politie op de hoogte brengen, waarmee we sowieso in nauw contact staan.” zegt de Airbnb-landenmanager voor de Benelux en Frankrijk. Duidelijker kan het niet zijn: “buurtbewoners” en “autoriteiten en politie”. Noch Airbnb, noch de anonieme verhuurder, maar de buren en de politie doen het echte werk.

zou een toren óp de Grand Bazar niet beter zijn ?

De Duitse bombardementen van oktober 1914 hadden de Meirbrug, de Schoenmarkt en de Eiermarkt zwaar beschadigd. Op de vrijgekomen plaats wilde de stad Antwerpen, met Frans Van Cauwelaert als burgemeester, “het perspectief van de Meir als belangrijkste handelsas een visueel imposant sluitstuk geven”. Het vooruitzicht in 1930 een wereldtentoonstelling te organiseren was een extra stimulans. Gronden werden aangekocht, straten verbreed, en de in 1921 (door onder meer Gustaaf Sap, Lieven Gevaert en Van Cauwelaert) opgerichte Algemeene Bankvereeniging diende zich in 1928 aan als bouwheer voor — zo wilde de stad — “een monumentaal gebouw in den modernen bouwtrant”, met winkels, woningen, kantoren en een panoramazaal. Toen de architecten Jan Vanhoenacker, Jos Smolderen en stadsbouwmeester Emiel Van Averbeke hun ontwerp voorstelden leidde dat tot hevige discussies. Om die kritiek te ontzenuwen legde het stadsbestuur de plannen voor aan een commissie van wijzen, samengesteld uit de gerenommeerde architecten Berlage, Horta en Van de Velde, die een gunstig advies uitbrachten. Daarna ging alles snel, want drie jaar na dat gunstig advies werd het Torengebouw opgeleverd, in de volksmond de Boerentoren genoemd. [vrij naar Erfgoed Vlaanderen] De eerste wolkenkrabber van Europa.

Het is bijzonder ironisch dat het Torengebouw, dat een kleine eeuw geleden zo brutaal met de bestaande stedelijke context brak, vandaag de maatstaf is voor nieuwe projecten. Havenbaas Fernand Huts heeft de toren gekocht en wil hem verbouwen — zijn  architect Daniel Libeskind heeft zijn ambities (of pretenties?) al flink ingebonden — en bouwpromotor en hotelexploitant Eric De Vocht heeft plannen voor de uitgeleefde Grand Bazar met Hilton ernaast. Het botert niet tussen die twee, die zich tegen elkaars projecten verzetten. Om de haverklap publiceert de pers een advies (van een commissie, een stadsbouwmeester, het stadsbestuur, een studiebureau, een architectuurrecensent, een journalist…).
Dé vraag blijkt nu hoeveel bouwlagen De Vocht mag toevoegen op zijn Grand Bazar om de verbouwing van de Boerentoren en het stedelijk landschap niet te verstoren. Hoe bouw je zonder dat het zichtbaar wordt. [Dat het huidige, aartslelijke hoekgebouw op de Groenplaats verdwijnt is alleszins gunstig. Het parkeergebouw dat er veertig jaar geleden nog stond, was mooier.]

Ik stel voor de ontwikkeling van die site over een andere boeg te gooien, en het stedelijk landschap wel degelijk te verstoren. Zoals dat honderd jaar geleden (en meermaals daarvoor) ook is gebeurd. Met een toren. (Geenszins een torentje.) De Vocht heeft een bouwprogramma voor de Groenplaats, voor zijn Hilton: verberg het niet maar laat het zien. Breidt het eventueel nog wat uit.

In plaats van iets te bouwen dat men zo weinig mogelijk ziet, bouw wat men goed ziet en het stadslandschap verrijkt.

In het contrast tussen de twee bestaande torens enerzijds (de kathedraaltoren en op die plek vooral de Boerentoren) en de “lagere” sokkel anderzijds — alhoewel, ook daar zitten flinke hoogteverschillen in — is het begrijpelijk en terecht dat men de sokkel niet wil aandikken. [Een dergelijk “aandikken” is in het verleden aan de Jordaenskaai jammer genoeg wel gebeurd.] Maar een bijkomende toren kan wel welkom zijn. Een toren op de hoek van de Groenplaats en de Schoenmarkt staat diagonaal tegenover de kathedraaltoren, én hij vormt de stap tussen de kathedraaltoren en de Boerentoren. Op de Groenplaats zijn twee torens zichtbaar (kathedraal en Bazar) en op de Schoenmarkt ook twee (Boerentoren  en Bazar).
De bijgevoegde schema’s zijn principes, niets meer: ze zijn geen architectuur. Het is best mogelijk dat de hoogte en de breedte naargelang de schets verschilt.

[Ik heb een beetje aan de achtergrondfoto’s “geknoeid” — een opmerkzame kijker zal het zien — om genoeg hemel voor de toren te krijgen. Het prachtige weer van zondag 28 december heeft me geholpen. De toren is misschien niet op alle tekeningen even groot.]

Klik hier of klik op een van de foto’s.

Misschien kan er in de verbouwde Grand Bazar ook een evenementenruimte komen. Handig om de ijspiste te zetten die nu elke winter de Groenplaats verminkt. Er zit een dak op die piste, dus dat je op een plein rondschaatst, met de kathedraal “op de achtergrond”, dat merk je niet eens.

« Oudere berichten

© 2026 moskenes.be

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑