Jef Van Staeyen

Categorie: Blog (Pagina 1 van 60)

zou een toren óp de Grand Bazar niet beter zijn ?

De Duitse bombardementen van oktober 1914 hadden de Meirbrug, de Schoenmarkt en de Eiermarkt zwaar beschadigd. Op de vrijgekomen plaats wilde de stad Antwerpen, met Frans Van Cauwelaert als burgemeester, “het perspectief van de Meir als belangrijkste handelsas een visueel imposant sluitstuk geven”. Het vooruitzicht in 1930 een wereldtentoonstelling te organiseren was een extra stimulans. Gronden werden aangekocht, straten verbreed, en de in 1921 (door onder meer Gustaaf Sap, Lieven Gevaert en Van Cauwelaert) opgerichte Algemeene Bankvereeniging diende zich in 1928 aan als bouwheer voor — zo wilde de stad — “een monumentaal gebouw in den modernen bouwtrant”, met winkels, woningen, kantoren en een panoramazaal. Toen de architecten Jan Vanhoenacker, Jos Smolderen en stadsbouwmeester Emiel Van Averbeke hun ontwerp voorstelden leidde dat tot hevige discussies. Om die kritiek te ontzenuwen legde het stadsbestuur de plannen voor aan een commissie van wijzen, samengesteld uit de gerenommeerde architecten Berlage, Horta en Van de Velde, die een gunstig advies uitbrachten. Daarna ging alles snel, want drie jaar na dat gunstig advies werd het Torengebouw opgeleverd, in de volksmond de Boerentoren genoemd. [vrij naar Erfgoed Vlaanderen] De eerste wolkenkrabber van Europa.

Het is bijzonder ironisch dat het Torengebouw, dat een kleine eeuw geleden zo brutaal met de bestaande stedelijke context brak, vandaag de maatstaf is voor nieuwe projecten. Havenbaas Fernand Huts heeft de toren gekocht en wil hem verbouwen — zijn  architect Daniel Libeskind heeft zijn ambities (of pretenties?) al flink ingebonden — en bouwpromotor en hotelexploitant Eric De Vocht heeft plannen voor de uitgeleefde Grand Bazar met Hilton ernaast. Het botert niet tussen die twee, die zich tegen elkaars projecten verzetten. Om de haverklap publiceert de pers een advies (van een commissie, een stadsbouwmeester, het stadsbestuur, een studiebureau, een architectuurrecensent, een journalist…).
Dé vraag blijkt nu hoeveel bouwlagen De Vocht mag toevoegen op zijn Grand Bazar om de verbouwing van de Boerentoren en het stedelijk landschap niet te verstoren. Hoe bouw je zonder dat het zichtbaar wordt. [Dat het huidige, aartslelijke hoekgebouw op de Groenplaats verdwijnt is alleszins gunstig. Het parkeergebouw dat er veertig jaar geleden nog stond, was mooier.]

Ik stel voor de ontwikkeling van die site over een andere boeg te gooien, en het stedelijk landschap wel degelijk te verstoren. Zoals dat honderd jaar geleden (en meermaals daarvoor) ook is gebeurd. Met een toren. (Geenszins een torentje.) De Vocht heeft een bouwprogramma voor de Groenplaats, voor zijn Hilton: verberg het niet maar laat het zien. Breidt het eventueel nog wat uit.

In plaats van iets te bouwen dat men zo weinig mogelijk ziet, bouw wat men goed ziet en het stadslandschap verrijkt.

In het contrast tussen de twee bestaande torens enerzijds (de kathedraaltoren en op die plek vooral de Boerentoren) en de “lagere” sokkel anderzijds — alhoewel, ook daar zitten flinke hoogteverschillen in — is het begrijpelijk en terecht dat men de sokkel niet wil aandikken. [Een dergelijk “aandikken” is in het verleden aan de Jordaenskaai jammer genoeg wel gebeurd.] Maar een bijkomende toren kan wel welkom zijn. Een toren op de hoek van de Groenplaats en de Schoenmarkt staat diagonaal tegenover de kathedraaltoren, én hij vormt de stap tussen de kathedraaltoren en de Boerentoren. Op de Groenplaats zijn twee torens zichtbaar (kathedraal en Bazar) en op de Schoenmarkt ook twee (Boerentoren  en Bazar).
De bijgevoegde schema’s zijn principes, niets meer: ze zijn geen architectuur. Het is best mogelijk dat de hoogte en de breedte naargelang de schets verschilt.

[Ik heb een beetje aan de achtergrondfoto’s “geknoeid” — een opmerkzame kijker zal het zien — om genoeg hemel voor de toren te krijgen. Het prachtige weer van zondag 28 december heeft me geholpen. De toren is misschien niet op alle tekeningen even groot.]

Klik hier of klik op een van de foto’s.

Misschien kan er in de verbouwde Grand Bazar ook een evenementenruimte komen. Handig om de ijspiste te zetten die nu elke winter de Groenplaats verminkt. Er zit een dak op die piste, dus dat je op een plein rondschaatst, met de kathedraal “op de achtergrond”, dat merk je niet eens.

wereldwensen voor het nieuwe jaar ❧

Ik heb ook andere wensen voor het nieuwe jaar dan een boom, een bank en een mooie stad. Of dan gezondheid, vriendschap en boeiende ontdekkingen. Ik noem ze wereldwensen.

Voor 2026 — en de jaren nadien — wens ik vooral:

  1. Dat er een einde komt aan de Palestijnse tragedie. Dat beslissende stappen worden gezet naar gelijke rechten voor Israëli’s en Palestijnen — wat in het geval van een tweestatenoplossing ook neerkomt op gelijke rechten voor hun respectieve staten. Dat vluchtelingen mogen terugkeren en schade wordt hersteld en/of vergoed. Dat onze landen en Europa niet aan de zijlijn blijven staan, dat ze hun verantwoordelijkheid nemen en daarvan ook de lasten dragen.
  2. Dat Oekraïne en de Oekraïners hun vrijheid en hun zelfbeschikkingsrecht terugwinnen. Dat wij, in de rest van Europa, beseffen dat het niet wij zijn die hen helpen, maar zij ons. Dat we aanvaarden dat onze steun niet langer zonder impact op onze welstand kan blijven. [Vandaag spreekt men over bijkomende financiële steun aan Oekraïne en over opschaling van de eigen defensie, omdat drie jaar geleden de economische maatregelen vooral ons geen pijn mochten doen. Die vergissing betalen we, en betalen de Oekraïners duur. Mensen lijden en sterven omdat economische maatregelen veel te zwak zijn geweest.]
  3. Dat onze overheden (lokaal, regionaal en nationaal, Europees) belangrijke stappen zetten om de klimaatcrisis en de ecologische crisis te bestrijden. Initiatieven van individuele burgers of groepen van burgers hebben immers slechts zin als ze gedragen en versterkt worden door een gecoördineerd overheidsbeleid.
  4. Dat we beseffen dat onze welstand vandaag hoger is, veel hoger dan hij ooit geweest is, en dat de gevraagde inspanningen niet meer inhouden dan dat het globale welstandsniveau enkele jaren wordt teruggedraaid. Omdat dat niet voor iedereen even makkelijk is, zullen de sterkste schouders daarbij ook de zwaarste lasten moeten dragen — wat bovendien uit economisch oogpunt veruit het efficiëntste is.

Ik besef dat dit lijstje onvolledig is en er nog veel meer te wensen valt. Vult u het maar aan.

Gelukkig nieuw jaar 2026.

Deze tekening maakte ik in december 1980. Ik zie verwijzingen naar de situatie in Ierland en Italië (de Anni di piombo), naar de moord op John Lennon (8 december 1980), de besparingsregering Martens 4 (oktober 1980) en… wapenaankopen.  Met krachtigere reacties op economisch vlak begin 2022, of zelfs eerder, in 2014, had de huidige politieke situatie, met een sterke nadruk op bewapening, voorkomen kunnen worden. 

niet de bomen maar de mensen zijn gekwetst

Drakenhoflaan, Deurne, 18 augustus 2025, voor het kappen.

Het komt hard aan. Je woont in een straat met bomen. Ze zijn je vertrouwd. De voorbije maanden hebben ze vaak voor schaduw gezorgd. En misschien keek je al uit naar de herfst met haar prachtige kleuren. Maar je wist ze bedreigd: een project voor een keerlus voor trams waarvan niemand je ooit het nut had kunnen verklaren. Sinds jaren werd er gediscussieerd, was er actie gevoerd, maar je werd niet gehoord. Je vreesde dat een kap imminent was. Je zag en hoorde dat er wat dreigde: parkeerverbodsborden en het gerucht dat er “voorbereidende werkzaamheden” zouden gebeuren.

Die maandag en dinsdag was het zover. De “voorbereidende werkzaamheden” was het kappen van bomen. Eerst in de Boekenberglei, enkele bomen links en rechts, en dan het grote werk: de Drakenhoflaan-Gitschotellei, 62 bomen in het totaal. Er was politie, veel politie, er waren buren en betogers, en enkele incidenten. Er was protest. En er was emotie, echte terechte, en soms gespeelde — klimaat kan ook een hobby of een politieke hefboom zijn, of schrik voor je parkeerplaats. De werken werden — voorlopig — gestaakt. Maar veel kwaad was geschied. Dit, wat echt een provocatie was — 18 augustus —, is niet voor herhaling vatbaar, waarnam de burgemeester.

Voor de mensen die bij die bomen wonen, zijn er twee trauma’s. Ze zijn tweemaal gekwetst. Ze hebben pijn aan het landschap en pijn aan de maatschappij. De aanblik van hun straat is niet meer wat hij was, en hun vertrouwen in “de politiek”, in overleg, in argumenten is danig geschaad. Dat laat sporen na. Het zal jaren duren eer in Antwerpen weer over de toekomst van bomen kan worden gepraat.

Maar voor de bomen is het niet zo erg. OK: de bomen zijn dood, zal je zeggen, dat is erger dan gekwetst. Maar het is niet de dood van die bomen die een beslissende impact gaat hebben op de biodiversiteit, de klimaatverandering, het stedelijk hitte-eiland effect, en al die dingen die zijn gezegd. Op de mensen is al erg genoeg. Zo bijzonder zijn die gerooide bomen niet. De grootste, oudste, prachtige bomen — de eiken van de Boekenberglei — zijn blijven staan. En zullen blijven staan. Maar andere zijn perfect vervangbaar, en zullen vervangen worden door bomen die beter zullen zijn, die het beter zullen hebben, die zich beter kunnen ontwikkelen, die toekomstbestendig zijn. Een argument om bomen te rooien is dat niet, maar de manier waarop bomen in de stad geplant en onderhouden worden is vandaag veel beter dan ze gisteren was. Met ruimte voor wortels in goede grond. [En misschien kunnen we de bomen meteen wat beter verzorgen en voor wat anders “gebruiken” dan om auto’s in de schaduw te parkeren, fietsen vast te maken en honden te laten plassen. Daarvan gaan ze kapot.] Ik vraag me af of al de opinieschrijvers in de kranten de bomen hebben gezien waarom het gaat.

Wat in Deurne-Zuid de Drakenhoflaan heet, heet daarnaast in Borgerhout en Berchem de Gitschotellei. De kapwerken betreffen trouwens ook een stuk van die Gitschotellei (tot aan de Cruyslei en het mooie Boelaarpark). De Gitschotellei is een van de aangenaamste straten van Antwerpen. Door de bomen, inderdaad — en door de brede voetpaden, de winkels, de horeca, de huizen, de tram…  En er is weinig autoverkeer. Komende van Deurne, de Drakenhoflaan, ben je eerst in Borgerhout en dan in Berchem, met halverwege een stuk waar de huizen links al Berchem zijn, en rechts nog Borgerhout. Let nu op: in Berchem staan “oude” bomen langs de straat, in Borgerhout werden de laanbomen vijftien jaar geleden allemaal gekapt, en in de lente van 2014 door nieuwe vervangen. [Ook op Streetview te zien.] Dat gebeurde onder meer om een beter fietspad aan te leggen. Ga ‘s kijken. Zoek de “grens”. Tien, twaalf jaar — of zelfs minder — na het planten van de nieuwe bomen zie je nauwelijks het verschil. We moeten echt niet treuren om de bomen. Om de impact op de mensen wel, dat is belangrijk genoeg.

 

Boekenberglei, Deurne, 18 augustus 2025, een van de 62 bomen die worden gerooid.
[Het rooien van deze boom heeft niets te maken met de keerlus, maar met de aanleg van een fietspad, waarvoor de rijweg verschoven wordt.]

Deurne, Drakenhoflaan, 30 augustus 2025.  Als de bomen gerooid zijn zie je pas hoe lelijk de straten zijn.

Drakenhoflaan, 30 augustus 2025. Jarenlang verwaarsloosd, maar als hij dood is krijgt hij een naam.

Kunnen bomen nog wat anders dan schaduwrijke parkeerplaatsen zijn?
Borgerhout, Gitschotellei, 30 augustus 2025. Enkele van de 62 bomen die worden geveld.
[Ook na de geplande heraanleg blijft de geparkeerde auto de maat der dingen.]

Deurne, de oude eiken van de Boekenberglei, 18 augustus 2025.

Borgerhout, Gitschotellei, 30 augustus 2025, jonge platanen (geplant in de lente van 2014).
[Links de bomen van het Boelaarpark.]

Gitschotellei, Borgerhout en Berchem, 30 augustus 2025.
Tien jaar nadat ze geplant zijn (of zelfs eerder) zijn de jonge bomen nog nauwelijks van de oude te onderscheiden.

Nog over de buurt — juister: de Gitschotellei en de Groenenhoek— schreef ik vijf jaar geleden, toen ik in de Marsstraat woonde: talen en namen in de Groenenhoek. Een heel andere tekst. Hij begint met een omweg naar de buurt (Harmonie) waar ik nu woon.

een Prins Leopoldlaan zonder voetgangers

De Prins Leopoldlaan, in de richting van de Elisabethlaan. Om een wadi te creëren (a priori een goede zaak), zonder de ruimte voor auto’s te beperken (niet meteen een goede zaak), wordt het voetpad afgeschaft (een kwade zaak).

 

De Prins Leopoldlaan is een wat banale straat in de koninklijke buurt van Berchem. Een groene buurt, maar geen groene straat, tenzij de begraafplaats waaraan ze grenst. Een brede kasseiweg en twee brede voetpaden, voortuintjes. Deze straat wordt heraangelegd. Een woonstraat, zegt de reclame, waarmee verkeerstechnisch een woonerf wordt bedoeld: De inrichting van de Prins Leopoldlaan als woonerf zet in op het verhogen van de verkeersveiligheid en verblijfskwaliteit. Voetgangers, fietsers en gemotoriseerd verkeer delen dezelfde verharde ruimte.” De straat wordt ook deels onthard (waterdoorlopend gemaakt) en het rioleringsstelsel wordt gescheiden, zodat regenwater afzonderlijk kan worden afgevoerd en in de bodem geïnfiltreerd, zonder met vervuild huishoudelijk afvalwater te worden vermengd.

Dat lijkt mooi, maar de voetgangers komen er bekaaid van af. Vóór de werken hadden ze een breed, zorgeloos voetpad (ongeveer 3 meter) — dat inderdaad wat groen kon gebruiken — naast een (te) brede rijweg (8 meter) die ook als parkeergebied gold, en waarop kasseien de rijsnelheid enigszins temperden. Het voetpad kon, in zekere mate, ook als speelruimte dienen, om te fietsen (en te leren fietsen), te tekenen, te hinkelen, of speelgoed te laten slingeren — en had makkelijk verbreed en vergroend kunnen worden. Maar dat doet men niet. Het voetpad wordt afgeschaft. Voetgangers worden naar de rijweg (“een gedeelde verharde ruimte”) verwezen, waar ze steeds voor rijdend geweld van auto’s en fietsen op hun hoede moeten zijn. Als wandelruimte is die rijweg weinig geschikt, als speelruimte is ze gevaarlijk.

De Prins Leopoldlaan, nabij de Elisabethlaan. Voetgangers en spelende kinderen worden geacht deze bestrating met auto’s en fietsen te “delen”.  Links de dwars-parkeerplaatsen. Rechts, in tegenstelling tot de ontwerptekeningen, toch geen wadi maar een “trottoir”. In feite — dat zie je aan de uitklapbare tafeltjes — een café-terras.

 

Tot overmaat van miskleun wordt er dwarsparkeren ingevoerd, wat notoir gevaarlijk is voor voetgangers en fietsers, en vooral voor de jongsten en de oudsten onder hen. Elders in de stad, in de Lange Lozanastraat, meldt de stad apetrots — en terecht — dat bestaande dwarsparkeerplaatsen worden afgeschaft, en hier in de Berchemse Prins Leopoldlaan voert men ze in. Beseft men niet dat sommige automobilisten zelfs in staat zijn hun eigen kinderen dood te rijden wanneer ze achteruit een parkeerplaats (of een oprit) verlaten?
Belangrijk is ook, tenslotte, het beeld. De Prins Leopoldlaan is niet langer een straat, ze is een parking.

Deze heraanleg is geen verbetering.

Lees hier een wat uitgebreidere reportage.

 

 Lees ook: een parkeererf in Merksem.

« Oudere berichten

© 2026 moskenes.be

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑