Jef Van Staeyen

Categorie: 2025 (Pagina 1 van 12)

zou een toren óp de Grand Bazar niet beter zijn ?

De Duitse bombardementen van oktober 1914 hadden de Meirbrug, de Schoenmarkt en de Eiermarkt zwaar beschadigd. Op de vrijgekomen plaats wilde de stad Antwerpen, met Frans Van Cauwelaert als burgemeester, “het perspectief van de Meir als belangrijkste handelsas een visueel imposant sluitstuk geven”. Het vooruitzicht in 1930 een wereldtentoonstelling te organiseren was een extra stimulans. Gronden werden aangekocht, straten verbreed, en de in 1921 (door onder meer Gustaaf Sap, Lieven Gevaert en Van Cauwelaert) opgerichte Algemeene Bankvereeniging diende zich in 1928 aan als bouwheer voor — zo wilde de stad — “een monumentaal gebouw in den modernen bouwtrant”, met winkels, woningen, kantoren en een panoramazaal. Toen de architecten Jan Vanhoenacker, Jos Smolderen en stadsbouwmeester Emiel Van Averbeke hun ontwerp voorstelden leidde dat tot hevige discussies. Om die kritiek te ontzenuwen legde het stadsbestuur de plannen voor aan een commissie van wijzen, samengesteld uit de gerenommeerde architecten Berlage, Horta en Van de Velde, die een gunstig advies uitbrachten. Daarna ging alles snel, want drie jaar na dat gunstig advies werd het Torengebouw opgeleverd, in de volksmond de Boerentoren genoemd. [vrij naar Erfgoed Vlaanderen] De eerste wolkenkrabber van Europa.

Het is bijzonder ironisch dat het Torengebouw, dat een kleine eeuw geleden zo brutaal met de bestaande stedelijke context brak, vandaag de maatstaf is voor nieuwe projecten. Havenbaas Fernand Huts heeft de toren gekocht en wil hem verbouwen — zijn  architect Daniel Libeskind heeft zijn ambities (of pretenties?) al flink ingebonden — en bouwpromotor en hotelexploitant Eric De Vocht heeft plannen voor de uitgeleefde Grand Bazar met Hilton ernaast. Het botert niet tussen die twee, die zich tegen elkaars projecten verzetten. Om de haverklap publiceert de pers een advies (van een commissie, een stadsbouwmeester, het stadsbestuur, een studiebureau, een architectuurrecensent, een journalist…).
Dé vraag blijkt nu hoeveel bouwlagen De Vocht mag toevoegen op zijn Grand Bazar om de verbouwing van de Boerentoren en het stedelijk landschap niet te verstoren. Hoe bouw je zonder dat het zichtbaar wordt. [Dat het huidige, aartslelijke hoekgebouw op de Groenplaats verdwijnt is alleszins gunstig. Het parkeergebouw dat er veertig jaar geleden nog stond, was mooier.]

Ik stel voor de ontwikkeling van die site over een andere boeg te gooien, en het stedelijk landschap wel degelijk te verstoren. Zoals dat honderd jaar geleden (en meermaals daarvoor) ook is gebeurd. Met een toren. (Geenszins een torentje.) De Vocht heeft een bouwprogramma voor de Groenplaats, voor zijn Hilton: verberg het niet maar laat het zien. Breidt het eventueel nog wat uit.

In plaats van iets te bouwen dat men zo weinig mogelijk ziet, bouw wat men goed ziet en het stadslandschap verrijkt.

In het contrast tussen de twee bestaande torens enerzijds (de kathedraaltoren en op die plek vooral de Boerentoren) en de “lagere” sokkel anderzijds — alhoewel, ook daar zitten flinke hoogteverschillen in — is het begrijpelijk en terecht dat men de sokkel niet wil aandikken. [Een dergelijk “aandikken” is in het verleden aan de Jordaenskaai jammer genoeg wel gebeurd.] Maar een bijkomende toren kan wel welkom zijn. Een toren op de hoek van de Groenplaats en de Schoenmarkt staat diagonaal tegenover de kathedraaltoren, én hij vormt de stap tussen de kathedraaltoren en de Boerentoren. Op de Groenplaats zijn twee torens zichtbaar (kathedraal en Bazar) en op de Schoenmarkt ook twee (Boerentoren  en Bazar).
De bijgevoegde schema’s zijn principes, niets meer: ze zijn geen architectuur. Het is best mogelijk dat de hoogte en de breedte naargelang de schets verschilt.

[Ik heb een beetje aan de achtergrondfoto’s “geknoeid” — een opmerkzame kijker zal het zien — om genoeg hemel voor de toren te krijgen. Het prachtige weer van zondag 28 december heeft me geholpen. De toren is misschien niet op alle tekeningen even groot.]

Klik hier of klik op een van de foto’s.

Misschien kan er in de verbouwde Grand Bazar ook een evenementenruimte komen. Handig om de ijspiste te zetten die nu elke winter de Groenplaats verminkt. Er zit een dak op die piste, dus dat je op een plein rondschaatst, met de kathedraal “op de achtergrond”, dat merk je niet eens.

wereldwensen voor het nieuwe jaar ❧

Ik heb ook andere wensen voor het nieuwe jaar dan een boom, een bank en een mooie stad. Of dan gezondheid, vriendschap en boeiende ontdekkingen. Ik noem ze wereldwensen.

Voor 2026 — en de jaren nadien — wens ik vooral:

  1. Dat er een einde komt aan de Palestijnse tragedie. Dat beslissende stappen worden gezet naar gelijke rechten voor Israëli’s en Palestijnen — wat in het geval van een tweestatenoplossing ook neerkomt op gelijke rechten voor hun respectieve staten. Dat vluchtelingen mogen terugkeren en schade wordt hersteld en/of vergoed. Dat onze landen en Europa niet aan de zijlijn blijven staan, dat ze hun verantwoordelijkheid nemen en daarvan ook de lasten dragen.
  2. Dat Oekraïne en de Oekraïners hun vrijheid en hun zelfbeschikkingsrecht terugwinnen. Dat wij, in de rest van Europa, beseffen dat het niet wij zijn die hen helpen, maar zij ons. Dat we aanvaarden dat onze steun niet langer zonder impact op onze welstand kan blijven. [Vandaag spreekt men over bijkomende financiële steun aan Oekraïne en over opschaling van de eigen defensie, omdat drie jaar geleden de economische maatregelen vooral ons geen pijn mochten doen. Die vergissing betalen we, en betalen de Oekraïners duur. Mensen lijden en sterven omdat economische maatregelen veel te zwak zijn geweest.]
  3. Dat onze overheden (lokaal, regionaal en nationaal, Europees) belangrijke stappen zetten om de klimaatcrisis en de ecologische crisis te bestrijden. Initiatieven van individuele burgers of groepen van burgers hebben immers slechts zin als ze gedragen en versterkt worden door een gecoördineerd overheidsbeleid.
  4. Dat we beseffen dat onze welstand vandaag hoger is, veel hoger dan hij ooit geweest is, en dat de gevraagde inspanningen niet meer inhouden dan dat het globale welstandsniveau enkele jaren wordt teruggedraaid. Omdat dat niet voor iedereen even makkelijk is, zullen de sterkste schouders daarbij ook de zwaarste lasten moeten dragen — wat bovendien uit economisch oogpunt veruit het efficiëntste is.

Ik besef dat dit lijstje onvolledig is en er nog veel meer te wensen valt. Vult u het maar aan.

Gelukkig nieuw jaar 2026.

Deze tekening maakte ik in december 1980. Ik zie verwijzingen naar de situatie in Ierland en Italië (de Anni di piombo), naar de moord op John Lennon (8 december 1980), de besparingsregering Martens 4 (oktober 1980) en… wapenaankopen.  Met krachtigere reacties op economisch vlak begin 2022, of zelfs eerder, in 2014, had de huidige politieke situatie, met een sterke nadruk op bewapening, voorkomen kunnen worden. 

nieuwjaar 2026 ❧

trouvez ici la même page en français 🇫🇷

IJsselmeer    —     A6, Ketelbrug, september 2025

Graag had ik u verwend op enkele kleine nieuwtjes. Over een boom in de stad die zelf bepaald heeft waar hij groeit, over een comfortabele zitbank op een tramhalte die na wegenwerken werd teruggeplaatst, of over een elektriciteitskabine die het aanschijn heeft van een serre vol weelderige planten.

Het heeft niet mogen zijn. In oktober werd de boom geveld, de bank werd verwijderd in november, en wat op een serre leek is gevandaliseerd.

Ik laat het niet aan mijn hart komen. Er zijn nog andere bomen, nog andere banken en nog andere mooi versierde elektriciteitskabines in de stad — in andere straten weliswaar. En er valt nog zoveel te ontdekken.

Met deze foto’s uit 2025 wens ik u een mooi nieuw jaar.

 

stedenbouwkundig rampgebied

Gisteren ging ik (voor het eerst) naar de seniorenacademie van de Universiteit Antwerpen: de Spectrum lezingen op de Groenenborger campus. Aangekondigd onderwerp was: “Moeten we CO2 opnieuw opslaan in de aarde?”, wat in de praktijk neerkwam op “Kunnen we CO2 opslaan in de aarde?”, hoe doen we dat en welke problemen stellen zich. Er waren drie sprekers, maar vooral toch een geoloog, die meteen zei dat de Belgische ondergrond zich daartoe niet leent, en dat internationaal naar stockage onder de zee wordt gezocht om protest van omwonenden te voorkomen — het project Barendrecht in Nederland —, maar toen de derde spreker een sociologisch experiment omtrent aanvaarding wilde uitvoeren aan de hand van een QR-code, liep het mis. De technologie wilde niet mee.
Hoe ook, het was een boeiende middag. Maar ik schrijf over twee andere dingen.

1. De Groenenborger campus is een stedenbouwkundig rampgebied. Zowel buiten de campus (het openbaar domein en de relatie tot andere sites en gebouwen) als op de campus zelf loopt het fout. Ik kan me niet voorstellen dat iemand daar even komt wandelen of zelfs maar tussen twee les- of werkuren blijft rondhangen. Ook mensen uit de ziekenhuizen zullen in de omgeving geen troost of blijdschap vinden.
Niet alleen in België maar ook in het buitenland (Frankrijk, Italië, Portugal, de VS, Canada…) wordt stedenbouwkundig falen vaak gelinkt aan de tegenstrijdige belangen van private actoren en aan het onvermogen van de overheid de onderlinge conflicten te beheren en de openbare waarden (waaronder milieu) te vrijwaren. De Groenenborger-wijk toont hoe die verklaring tekort schiet. Heel het gebied werd immers gecreëerd en wordt beheerd door vier machtige openbare besturen: (1) de stad Antwerpen voor het openbaar domein en het Middelheimpark, (2) het OCMW Antwerpen, nu ZAS, voor het Middelheimziekenhuis en het Kinderziekenhuis, (3) de Universiteit Antwerpen (vroeger RUCA) voor een rist universiteitsgebouwen van twee campussen (er is ook de Middelheim campus rond de vroegere koloniale hogeschool), en (4) het Vlaamse gewest (nee: toen nog België) voor de Craeybeckxtunnel (autoweg E19) die onder de site loopt, voor de ruimtelijke planning van het geheel (samen met de stad), en via de Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn voor het openbaar vervoer (bussen 21 en 33).
Wie, zoals ik, met bus 21 komt, behelpt zich met halte Groenenborgerlaan in een onduidelijke straat die Vuurkruisenplein heet, steekt de rotonde over en vindt een discrete ingang tot de campus. Hij zoekt zich een weg tussen de geparkeerde auto’s (er staan kleine wegwijzers, dat wel) en betreedt het gebouw T (parel van de jaren 70, allicht) via een trap.

2. De Universiteit Antwerpen verspreidt een campusplan met mobiliteitsinfo. Logisch, in feite, als je géén reden hebt om langer dan nodig op de campus te blijven, zijn al die fietsen en auto’s het enige wat telt. Op dat plan staan allerlei al dan niet toegankelijke of besloten (personeel, studenten) parkeerfaciliteiten voor fietsen of auto’s aangeduid, en laadpunten, lockers, herstelzuilen en -punten, en deelfietsen en -auto’s.
Edoch: de belangrijkste vorm van deelmobiliteit, het openbaar vervoer (die halte van lijnen 21 en 33), staat op het plan niet eens vermeld. [Ga daarvoor naar Google Maps.] Evenmin als de toegang (toegangen?) voor voetgangers en hun trajecten (die er nauwelijks zijn in wat allicht een shared space moet zijn).

Blijkbaar heeft wat men in de leszalen leert en in de laboratoria onderzoekt over duurzame stedenbouw en mobiliteit nog wat tijd nodig om buiten de lokalen in praktijk te worden gebracht.

 

 

P.S.: Volgens wikipedia werd een van de universiteitsgebouwen (het gebouw V voor scheikunde en bio-ingenieurswetenschappen) per ongeluk op grond van het Middelheimpark gebouwd (geen bronvermelding).

« Oudere berichten

© 2026 moskenes.be

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑