De toekomst begint vandaag. Drie maanden eerder dan verwacht.
Of juister: is enkele dagen geleden al begonnen. Op 13 juni, om precies te zijn.
Met een lading bier is ze die dag van het Luikse Jupille naar het Vlaamse Ninove gereden.
Categorie: Blog (Pagina 57 van 60)
Dit is een nieuwe aflevering van “de toekomst alsof je er was”, waarbij ik krantenartikels een beetje aanpas, en naar een (nabije) toekomst verschuif. Wat gebeurt er, als je de schijnbaar logische redenering van een krantenartikel doortrekt, naar een ander thema, dat verwanter is dan je denkt. Over lastig gevallen worden (maart 2015), betalen aan SABAM (april 2015), fantasten die zich voor Bart V uitgeven (december 2015), of de ecotruken van de supertrucks (september 2016).
Ditmaal ga ik wat anders te werk. Ik neem een recent artikel (De Standaard, 3 maart 2017), omtrent digitale prestaties van Europese landen, Belgische overheid blijft digitaal steken in Europa, en projecteer het enkele decennia terug, met een wat andere inhoud, Belgische overheid blijft automobiel steken in Europa.
Dat is “de toekomst van gisteren — waar we nu zijn”.
‘k Had gedacht dat de Taalunie een unie was. Of op zijn minst een raad — meerdere mensen, vooral mannen weliswaar — die bij tijd en wijlen een richtinggevend advies de wereld in stuurt. Beter zus dan zo. (Naast andere activiteiten.)
Maar nee. De Taalunie is één man in een huis in Den Haag. Eén man. Sinds 1 februari is dat Hans Bennis.
Op een morgen staat die op, en wijl hij zijn pindakaas op krentenbrood in zijn koffie sopt, denkt hij: “Ik ga een baken verzetten vandaag.” De bijzondere band tussen de Taalunie en het verzetten van bakens kennen we sinds Jeroen Brouwers erover schreef.
Aaneengeschreven woorden worden niet plots in stukken gehakt, of koppeltekens door trema’s vervangen, en die tussen-n, die blijft ook staan. Hans Bennis heeft wat anders gevonden, geen spelling maar grammatica, “om het vertrouwen te herstellen in de Nederlandse Taalunie” (citaat uit een op diverse websites gepubliceerd gesprek). Hij pleit voor erkenning van “hun hebben” — hun als meervoudig onderwerp, in plaats van zij.



