De Vlaamse regering wil het elektriciteitsverbruik bevorderen. Preciezer: ze wil het gasverbruik ontmoedigen, en de overschakeling op elektriciteit promoten. De verbranding van gas produceert broeikasgassen en is afhankelijk van buitenlandse gas-toevoer, en het verbruik van elektriciteit is… nu ja, wat is het?
Voor de verwarming van gebouwen rekent ze op warmtepompen, die de warmte uit de lucht of de bodem halen, en dergelijke dingen zijn vaak elektrisch.

De promotie van warmtepompen, die een rendement van 400 % kunnen halen (4 kWh warmte voor 1 kWh elektriciteit) wordt momenteel geremd door het prijsverschil tussen gas en elektriciteit. Voor individuele verbruikers kost 1 kWh elektriciteit ongeveer evenveel als 4 kWh gas.
[Terloops: het rendement van een gasketel varieert, naargelang de ketel, van 90 tot 110 %. Je krijgt dus van 0,9 tot 1,1 kWh warmte voor 1 kWh gas — waarvoor je met de geldende gaskwaliteit en -druk 88 liter gas nodig hebt.]

Om de gewenste overschakeling naar elektriciteit te bevorderen wil de Vlaamse regering elektriciteit goedkoper en gas duurder maken. [Waarmee ze, terloops gezegd, ook het autoverkeer goedkoper maakt.] Ze wil kosten die aan het elektriciteitsverbruik verbonden zijn, op het gasverbruik verhalen. En die kosten gaan omhoog.

Maar hoe zit het met de cijfers?

1.
De energie-mix van elektriciteit in Vlaanderen fluctueert van jaar tot jaar. Een hoge raming geeft 30 % hernieuwbare energie (zonnepanelen en windmolens), 40 % kernergie en 30 % gas. Maar er zijn ook jaren dat het aandeel gas tot 40 % stijgt.

2.
Elektriciteit uit warmte is niet erg efficiënt. Van kerncentrales en zgn. thermische (*)Het begrip “thermische centrales” is misleidend. want ook kerncentrales zijn thermisch. centrales (steenkolen, olie of gas) wordt 33 tot 37 % omgezet in elektriciteit. De rest (63 tot 67 %) wordt in de omgeving geloosd (in de lucht via koeltorens, en in rivier- of zeewater). Dat is ook de reden waarom in energiestudies een factor 2,5 wordt gebruikt om het primair energieverbruik te kennen voor elektriciteit. Factor 2,5 stemt overeen met een rendement in de elektrische centrale van 40 %.

[Terloops: Het energetisch rendement van zonnepanelen bedraagt 15 tot 22 %. De rest wordt omgezet in warmte. De zon is gratis, dus weegt dat lage rendement niet zwaar door. Dat zou het wel doen, mochten er in de steden massaal zonne-panelen worden geplaats, die het stedelijk hitte-eiland-effect met 1 tot 1,5°C kunnen versterken. Massaal veel zonnepanelen installeren voor massaal veel koelinstallaties (zgn. airco (*)De term “airco” is vaak onterecht. De conditionering van lucht veronderstelt immers dat niet alleen de temperatuur en de vochtigheid maar een resem kwaliteitsparameters wordt opgevolgd.) is het laatste dat we nodig hebben. Het wordt er alleen maar heter van. Bij extreem warm weer zou het allicht beter zijn de zonnepanelen met witte zeilen af te dekken.]
[Terloops bij terloops: lichtere kleuren voor gevels, lichtere kleuren voor bestrating en — vooral — lichtere kleuren voor daken kunnen, samen met water en groen — en buiten-zonnewering — een belangrijke bijdrage leveren aan de bestrijding van het stedelijk hitte-eiland-effect. Hou de warmte tegen vóór ze binnenkomt.]

3.
Als er in elektriciteit 30 % gas zit, en het rendement van de zgn. thermische centrale is 40 %, heb je voor 1 kWh elektriciteit 66 liter gas nodig. Als het aandeel gas in je elektriciteit tot 40 % of meer stijgt, heb je zelfs 88 liter of meer nodig. Je bespaart dus nauwelijks gas als je het door elektriciteit vervangt. In sommige gevallen verhoog je zelfs het verbruik.

Vergelijking van benodigde primaire energie als men gas door elektriciteit vervangt.
1 – 1 kWh gas (= 88 liter gas)
2 – standaard energiemix voor 1 kWh elektriciteit  (30 – 40 – 30)
3 – weergave met primaire energie (= 66 liter gas, + nucleair + hernieuwbaar)
4 en 5 – idem, maar met 40 % gas in de energiemix (= 88 liter gas, + nucleair + hernieuwbaar).
In de elektriciteit zit per kWh finale energie (bijna) evenveel gas als het gas dat je rechtstreeks gebruikt.

4.
De kans is klein dat het aandeel gas in de elektriciteitsproductie op korte of middellange termijn afneemt. Daar zijn meerdere redenen voor, die te maken hebben met de eigenschappen van de diverse energiebronnen: hernieuwbaar, nucleair en gas.

5.
Het grote voordeel van gas is dat het stockeerbaar is. Met veel vernuft en vooral hoge kosten kan weliswaar ook elektriciteit opgeslagen worden, een voorraad voor enkele uren, maar dat is niet vergelijkbaar met de capaciteit om gas op te slaan. Op Europees niveau bestaat een gasvoorraad die 30 % van het wintergebruik dekt, en vóór elke winter opnieuw wordt aangevuld.
Het grote nadeel van gas is de afhankelijkheid van de geopolitieke situatie — wat we met de Russische invasie in Oekraïne goed hebben gemerkt. De prijzen schieten de hoogte in, wat minder de vertaling is van een accuut gebrek aan gas, dan van een verwacht toekomstig tekort. Er wordt gespeculeerd op de evolutie van vraag en aanbod, of, zo men wil, er worden commerciële voorzorgsmaatregelen genomen — het verschil tussen beide is niet altijd scherp.
[Ook voor kernenergie en hernieuwbare energie geldt geopolitieke afhankelijkheid — voor splijtstof en zeldzame materialen — maar die werkt niet zo snel door.]

6.
Het grote nadeel van wind- en zonne-energie is de extreme weersafhankelijkheid, wat, samen met de niet-stockeerbaarheid van de geproduceerde elektriciteit, kan leiden tot grote overschotten of tekorten. Alleen de duisternis is voorspelbaar, maar het weer is dat niet, en vooral: er valt niets aan te doen. [Hernieuwbare energie uit getijden en zeestromen kan daar in de marge wat aan verhelpen, en de maan zal zo snel nog niet op de aarde vallen omdat we de getijden afremmen. Integendeel (*)Dit is een weetje dat niet terzake doet, maar me wel verrast: de getijden hebben tot gevolg dat de afstand tot de maan zeer langzaam groter wordt en dat de dagen (de etmalen) langer worden. Aanvankelijk waren er meer dan duizend etmalen in een jaar. In een recenter artikel heb ik dat verder uitgewerkt..]

7.
Kernenergie is stugger, ze kan niet snel worden op- of neergeschaald wanneer een tekort of overschot aan hernieuwbare energie dit vereist, of in functie van het verbruik. Ze is ook, zij het in veel mindere mate dan hernieuwbare energie, weersafhankelijk. De situaties waarbij het koelwater te koud is en het koelcircuit bevriest worden zeer zeldzaam [er wordt vaak verwezen naar een incident in een kernreactor van Chinon aan de Loire, in 1987], maar situaties waarbij het koelwater (in de rivier) te warm of te karig is, zijn wel frequent. Onlangs, eind juni [2025] moest de kerncentrale van Golfech op de Garonne, nabij Toulouse, worden stilgelegd [reactor 2 lag al stil voor onderhoud, en reactor 1 moest worden gestopt], en situaties waarbij de productie van kernreactoren in Frankrijk, Zwitserland, Duitsland of Zweden moet worden afgeschaald bij gebrek aan koelwater zijn frequent. Omdat de elektriciteitsnetwerken aan elkaar gekoppeld zijn, beïnvloedt dat ook de beschikbaarheid van nucleaire elektriciteit in België: prijsmechanismen zorgen ervoor dat er meer nucleaire elektriciteit wordt uitgevoerd of minder wordt ingevoerd. En dat de vraag naar andere elektriciteit (gas?) stijgt.

8.
De kenmerken van de hernieuwbare (wind en zon) en nucleaire elektriciteitsproductie maken dat er blijvend beroep wordt gedaan op gasgestookte elektriciteitscentrales om de verschillen tussen vraag en aanbod op te vangen. Zowel het aanbod als de vraag is slecht beheersbaar.
Een nadeel van de gasgestookte centrales is de hoge prijs van de geleverde elektriciteit. Er wordt immers verwacht dat de centrales slechts deeltijds functioneren, om schommelingen in de vraag op te vangen, maar de vaste kosten lopen het hele jaar door.

9.
Ook structureel, op langere termijn, ziet het ernaar uit dat de behoefte aan gascentrales zal blijven bestaan.
Nieuwe, bijkomende kerncentrales bouwen vraagt veel geld, veel kennis en veel tijd. Het geld en de kennis zijn er onvoldoende, en tijd is er alleen als men aanvaardt dat er slechts op lange termijn een oplossing komt. Het vermelde probleem met het koelwater wordt er niet minder mee. [En, terloops gezegd: kernenergie is veruit de vuilste energie die er bestaat. Als we nu stoppen met de uitstoot van CO2 (of die drastisch verminderen), blijft het klimaatprobleem nog enkele generaties bestaan, maar het reeds geproduceerde kernafval vormt een probleem, een zorg en een kostprijs voor enkele duizenden generaties na ons.]

10.
De stuurbaarheid van de elektriciteitsvraag is beperkt — en wordt in de toekomst misschien nog beperkter. Met digitale meters, snel fluctuerende tarieven, hoge prijzen voor piek-afnames, thuisbatterijen en sensibiliseringscampagnes wil men het piekverbruik beperken. De opkomst van Artificiële Intelligentie (A.I.), met een hoge, maar allicht stabiele elektriciteitsbehoefte, lijkt een stabiliserende factor te kunnen zijn — want minder pieken — maar biedt ook minder kansen om onregelmatigheden aan de aanbodzijde op te vangen. De stabiele vraag naar elektriciteit van datacenters met het onregelmatige aanbod van hernieuwbare elektriciteit beantwoorden lijkt geen goed idee.
Wanneer de vraag naar elektriciteit het aanbod overtreft, zal je dat als consument financieel voelen — je wordt ontraden om de oven, de vaatwasser, het strijkijzer te gebruiken, of om de batterij van je auto op te laden —, maar je zoek- of werkopdracht met A.I. wordt er niet duurder, of op andere momenten goedkoper, van. Zullen datacenters worden stilgelegd als het windstil en donker is? [Nee.]

11.
Om al deze redenen lijkt het er sterk op dat gas een belangrijke energiebron zal blijven om elektriciteit te produceren. En, als dat aandeel 30 % of in de buurt van 40 % ligt, in feite méér gas zal verbruiken dan wanneer dat gas direct naar de uiteindelijke gebruiker wordt vervoerd.
Voeg daaraan toe dat warmtepompen vaak op piek-momenten werken (koud of heet), wanneer de vraag naar elektriciteit het hoogst is. en het aandeel gas daarin ook… [50 % ?] en we stevenen af op een verhoging van het gasverbruik.

12.
Toch wil de Vlaamse regering, en niet alleen zij, dat er minder gas en meer elektriciteit naar de uiteindelijke verbruikers wordt gebracht. Een dicht en hoogwaardig gasnet, dat weliswaar onderhouden moet worden [en waarbij, het moet gezegd, ten gevolge van slecht onderhoud of onvolkomen informatie-overdracht, soms dramatische ongevallen gebeuren] zal worden ontwricht of zelfs afgebroken, en het elektriciteitsnet met zware kosten versterkt om… het gas onder de vorm van elektriciteit tot bij de gebruikers te brengen.
Een heel nieuwe infrastructuur wordt opgetuigd — met geld dat er niet is — om evenveel, of zelfs méér gas te verbruiken. Samen met meer andere elektriciteit, die voor wat anders nuttig ware geweest. Bestaand kapitaal (het gasnet) wordt ontwaard.

13.
En de warmtepomp? zal u vragen. Terecht. Want zij was het argument voor de overschakeling van gas naar elektriciteit. Van gasketels naar elektrische warmtepompen.
Er bestaan ook op gas aangedreven warmtepompen. Ze weerstaan beter aan lage temperaturen — altijd handig als het om verwarming gaat. En de door de pomp geproduceerde “verlies”warmte wordt meegenomen in de nuttige warmteproductie.
Men zit dan allicht aan een gelijkaardig gasverbruik als voor de elektrische warmtepomp, maar (1) zonder bijkomend beroep te doen op kernenergie, (2) zonder bijkomend beroep te doen op hernieuwbare energie (die men voor andere, betere dingen kan gebruiken), (3) zonder versterking van het elektriciteitsnet, en (4) mét een voorraad (in casu gas) die tegen een stootje kan.

14.
Ter herinnering: de maatschappelijke uitdaging bestaat er niet in géén CO2 uit te stoten, maar wel véél minder. De opwarming van de aarde is het gevolg van een te grote uitstoot van CO2 — en van andere broeikasgassen.

15.
Tot slot: zeg me waar ik me vergis, waar de berekening niet klopt.
En, zelfs als de berekening niet helemaal klopt, zou de teleurstelling wel eens groot kunnen zijn, voor (bijna) iedereen — behalve de installateurs en andere bedrijven. Een nauwelijks verminderd gasverbruik en een nauwelijks verminderde uitstoot van CO2, een toegenomen en onbeantwoorde vraag naar elektriciteit {zoals die in Nederland bestaat, waar bouwvergunningen voor woningen, scholen, bedrijven… moeten geweigerd worden], hoge installatiekosten, versterking van het netwerk…

 

P.S.: Het is mogelijk dat u niet akkoord gaat met de kwalificatie die ik voor kernenergie gebruik, en dat u meent dat we ons geen zorgen moeten maken hoe de (vele) komende generaties moeten omgaan met ons kernafval. [Die zijn intussen zo slim en zo rijk — dankzij ons — dat ze die last (voor onze games, onze streamings, onze A.I. en onze elektrische auto’s) er wel bij kunnen nemen…] Dat is uw recht, maar doet geen afbreuk aan de redenering.