Jef Van Staeyen

Categorie: Blog (Pagina 30 van 60)

klassestrijd op een Belgische trein

de lage kwaliteit van een eerste klaase-rijtuig van de NMBS

Je hoort wel eens reizigers die vinden dat men “de eerste klasse in de trein moet afschaffen”. Misschien is het het woord klasse dat hen stoort, want ik heb nog niet vaak iemand gehoord die ervoor pleitte op restaurant slechts één gerecht en één drank te serveren, in alle geval aan éénzelfde prijs, of slechts één model van auto op onze wegen toe te laten. Niet het verschil in prijs en in kwaliteit is immers een maatschappelijk probleem, maar wel het verschil in inkomen om die producten of diensten te betalen, in casu een reis in eerste klasse, zo men die verkiest.

Hoe ook, de NMBS heeft dat uitstekend opgelost door in sommige van haar treinen eerste-klasse zitplaatsen te voorzien, waarvan de kwaliteit lager is dan in tweede klasse: het plafond is laag, het venster is klein, de plaatsen zijn nauw, je zit soms knie tegen knie — wat niet iedereen apprecieert —, en er is géén deur (maar wel een trapje!) voor wie gehoopt had in eerste klasse wat stiller te zitten.
Tussen Leuven en Berchem hoorde ik in Zaventem-Airport een opstappende buitenlandse reiziger die zich verwonderde of dít de eerste klasse was. Ik heb me nog afgevraagd of ik me, als landgenoot, in naam van de NMBS zou excuseren, maar de man had al zijn hielen gekeerd, en is wellicht in tweede klasse gaan zitten.

record gebroken: 3′51″70

Het viel te verwachten, het record van het pre-metro-station Zegel (3′19″84) heeft niet lang stand gehouden.
In het station Diamant (Centraal Station) realiseerde ik voor een afdaling van het trottoir op de De Keyserlei tot aan het perron op de laagste verdieping, via meerdere gangen en roltrappen, een tijd van 3′51″70. Drie minuten eenenvijftig seconden en zeventig honderdsten. Op dat perron vindt men de trams 2 naar Hoboken, 6 naar Olympiade, 9 naar Eksterlaar en 15 naar Boechout.

Ook de tijd die ik aftikte in het station Opera, klimmend ditmaal, vanaf het laagste perron (tram 10, komende van het Schoonselhof) tot op de De Keyserlei was mooi: 2′19″29. Dat is wel onder voorbehoud dat je onmiddellijk je weg vindt, want de signalisatie in Opera laat veel te wensen over. Moet je zoeken, verdubbel je makkelijk je tijd.

 

mijn beste tijd: 3′19″84

Nee, 3′19″84 is niet een of andere snelste tijd.
Het is de tijd die ik daarnet chronometreerde in het metrostation Zegel in Borgerhout, toen ik met stevige maar niet overhaaste tred van de tram op niveau -3 naar de straat stapte. Drie minuten, negentien seconden, vierentachtig honderdsten. Let wel: er was weinig of geen volk, niemand heeft me opgehouden. Toch heeft het zo lang geduurd.
In mijn tram-tekst van 2 november ergerde me ik al aan die lange, saaie wandeling langs de zalen en trappen van Zegel, maar nu heb ik cijfers. 3′19″84.
[Dat is behoorlijk langer dan een gemiddelde Beatles-song, om maar wat te zeggen. Pas in 1965, met You Won’t See Me, brachten ze een song van 3′22″. Ze hadden er toen al een tachtigtal gemaakt die korter, soms veel korter waren, en ook nadien zou de gemiddelde Beatles-song kort en krachtig blijven.]

Ter vergelijking ben ik nadien in datzelfde metrostation weer afgedaald, naar verdieping -2, waar de trams naar het centrum rijden. Dat vroeg me slechts 1′49″03.
[Nauwelijks korter dan I Wanna Be Your Man uit 1963: 1′59″. De originele Stones-versie van dat Lennon-McCartney-nummer duurde zelfs maar 1′43″. Als je bedenkt dat die gasten toen minder tijd nodig hadden voor een krachtige liefdesverklaring dan een tramreiziger van vandaag om naar bleekblauwe tegels te kijken…]

Eind vorig jaar noteerde ik ook de tijd die je aan Berchem station bezig bent als je als voetganger de Boomgaardstraat wil oversteken, en daarbij (1) de verkeersregels respecteert; (2) de pech hebt dat het allereerste licht van je traject op rood springt net voor je wil oversteken; en (3) niet rent maar stapt. Dat was 2′50″. Twee minuten en vijftig seconden. Op mijn polsuurwerk. Zodra het kruispunt van de Plantin en Moretuslei met de Ommeganckstraat is heraangelegd, ga ik ook daar naartoe.

Wie te voet gaat — en soms de tram neemt — heeft het eeuwige leven, zo lijkt het wel.

de Oosterweel-Groenendaallaan biedt géén goede oplossing voor voetgangers

Het in het kader van het Oosterweelproject uitgewerkte voorstel voor de Groenendaallaan houdt onvoldoende rekening met de functionele verplaatsingen van voetgangers van Merksem naar de Luchtbal, of naar het gelijknamige station. Dit station, en dus ook de voetpaden erheen, moet een belangrijke rol moet spelen in de modal shift in de regio Antwerpen. Het is de bedoeling dat méér Merksemnaars het station gebruiken, en er niet alleen met de auto, de fiets of de tram, maar ook te voet naartoe gaan.

Het voorliggend project houdt daar onvoldoende rekening mee. Het gaat meer uit van recreatieve dan van functionele verplaatsingen. De niet-leesbare omweg door het park kan zelfs overdag een obstakel zijn, maar zal vooral ‘s nachts menige voetganger afschrikken. [‘s Nachts, dat is ‘s winters vanaf 16u30 tot 8u30.]

Daarom tekende ik, onder vereenvoudigde vorm, twee alternatieve voorstellen, waarbij:

  • voorstel 1: de zware parkbrug door twee lichtere bruggen vervangen wordt, en de voetverbinding van Merksem naar (het station) Luchtbal onder deze twee lichtere bruggen, en dichter bij de Groenendaallaan blijft,
  • voorstel 2: de zware parkbrug door twee lichtere bruggen vervangen wordt (idem), en de voetverbinding op hetzelfde niveau als de niet verdiepte Groenendaallaan blijft, en het kruispunt conflichtvrij wordt overgestoken.

Dit zijn:

 

Uittreksel uit het voorstel tot verbetering van het voetgangersparcours.

« Oudere berichten Nieuwere berichten »

© 2026 moskenes.be

Thema gemaakt door Anders Noren — Boven ↑