moskenes.be

Jef Van Staeyen

Pagina 2 van 67

Cassel in enkele plaatjes ❧

Het zonnige weer van 14 mei heeft me naar Cassel gelokt. Een mooie tentoonstelling, Feesten en kermissen ten tijde van de Bruegels was de aanleiding, maar het stadje zelf zoals steeds het ware motief.  Al vaker heb ik door Cassel gedwaald, en vanop het terrasse du château het vlakke land overschouwd.
In 2018 werd Cassel verkozen tot lievelingsdorp van de Fransen (village préféré des français), een wat vreemde titel voor een oude sous-préfecture (van 1800 tot 1857) waarvan de stedelijke wortels tot de eerste eeuwen van onze jaartelling reiken. Een verdiende titel, dat wel, maar allicht geholpen door de geringe concurrentie in een regio waar veel mogelijke kiezers wonen.

Een handvol foto’s, niet meer, van dit en eerdere bezoeken

 

Delphine vs. Albert, een achterhaalde queeste?

Sinds enkele jaren achtervolgt Delphine Boël (°1968) de voormalige koning Albert (°1934) met de vraag, nu de eis, dat hij haar als zijn dochter erkent. Albert is daar nooit op ingegaan, hij heeft zijn vaderschap erkend noch ontkend. De recentste fase in wat inmiddels een juridisch conflict is geworden, is de uitspraak van het Brusselse Hof van Beroep (mei 2019) waarbij Albert een dwangsom van 5000 € per dag wordt opgelegd, zo hij het tussenarrest van oktober 2018 niet respecteert, dat hem verplicht een DNA-staal af te staan. Dat DNA wordt dan bewaard, zodat het na een andere nog te nemen beslissing (bij Cassatie) meteen voor expertise beschikbaar is. Aan de hand van het DNA kan met een zéér hoge graad van waarschijnlijkheid worden vastgesteld of Albert al dan niet Delphine’s biologische vader is.
[Boeiend voor royalty-watchers wordt het pas echt wanneer Delphine nadien het DNA van haar kersverse halfbroers en -zus opvraagt, zoals ze aanvankelijk, in 2013, althans voor Filip en Astrid maar niet Laurent, en voor haar vader Jacques Boël had gedaan.]

Het is een merkwaardige, want tegenstroomse beslissing. De rechtspraak, of de wet waar die zich op baseert, gaat immers in tegen een brede maatschappelijke en juridische evolutie waarin op ouderschap een totaal andere kijk ontstaat.

Een kind kan drie, vier of meer moeders hebben: een eicel-moeder, een baar-moeder, een zoog-moeder en een of meer (hoe noem je die?) kweek-moeders (mama of moeke, dat is hun echte naam, ze zorgen voor het kind, van wie het ook is). Voor vaders ligt dat een beetje anders, maar ook dat kunnen er meerdere zijn. Sommige kinderen groeien op in een gezin met twee moeders of met twee vaders. Er zijn plus-moeders en plus-vaders, stief-moeders en stief-vaders. Er zijn adoptie-ouders, en er zijn kinderen die door een tante of oom of door grootouders worden grootgebracht. Zowel de maatschappelijke als de juridische evolutie bestaat erin de diversiteit van die gezinnen en het belang van de niet-biologische vaders en moeders te erkennen en te waarderen.

Parallel daarmee bestaat er een even sterke maatschappelijke en juridische evolutie waarmee mensen het recht wordt erkend hun genetisch erfgoed (jongetje/meisje) te overstijgen. Bijna dagelijks lees of hoor je verhalen van bekende of onbekende mannen dan wel vrouwen die beslissen voortaan als vrouwen, c.q. mannen, door het leven te gaan. Recente wetgeving heeft dergelijke keuze vergemakkelijkt, de drempel verlaagd, en in openbare gebouwen lees je soms dat de toiletten zowel voor mannen als vrouwen als voor biseksuelen en aseksuelen zijn bestemd (“iedereen, ongeacht gender, identiteit of expressie”, met een nieuw m-v-mv-symbooltje erbij). Misschien wordt binnen dit en tien jaar het geslacht zelfs uit de burgerlijke stand geschrapt.

Een kind, zijn identiteit en karakter, het is nog wat meer dan het wat toevallige resultaat van geslachtelijk verkeer, en de mens die uit dat kind groeit wordt door de jaren heen door een grotere en soms andere groep mensen gemaakt — en het maakt ook zichzelf. We leven weliswaar in gezinnen, en niet langer in grote families waarin iedereen een ouder voor de kinderen is, maar de samenstelling van die gezinnen en vaak ook hun evolutie is divers. De verscheidenheid in gezinsvormen wordt maatschappelijk aanvaard en juridisch begeleid.

Het boeiende aan die ontwikkelingen is dat ze ingaan tegen de populaire interpretatie van DNA-onderzoek. De erfelijke eigenschappen van DNA (voluit desoxyribonucleïnezuur) werden begin jaren ’40 ontdekt en nadien ook ontcijferd: ieder heeft een eigen en uniek DNA, dat uit stukken van de DNA’s van de biologische ouders (eicel en sperma) is samengesteld;  het DNA, of een groot of klein deel ervan, kan gelezen, of juister: uitgeschreven worden (want lezen veronderstelt begrijpen, en daar zijn we lang niet aan toe). Nogal snel ontstaat daaruit de populair-wetenschappelijke mening dat ieder tot zijn of haar DNA kan worden herleid — je bent wat je DNA van je maakt —, een kijk op de wereld en de mensen die je soms ook in kranten leest en in slogan-taal te horen is (“Samenwerken zit in ons DNA”, dixit de Provincie Vlaams-Brabant). Ondanks dat goedkope determinisme gaat de samenleving echter een andere richting uit.

Of Delphine Boël emotionele, financiële en/of identitaire beweegredenen heeft, voor haarzelf of voor haar kinderen, weet ik niet, daar gaat het niet om, maar de vraag rijst of een juridische zoektocht naar biologisch ouderschap, door rechtbanken ondersteund, te rijmen valt met wat van vaders en moeders vandaag wordt verwacht. En daarmee of DNA op een vraag naar vaderschap (of elders moederschap) een afdoend antwoord geeft.

 

[P.S. Deze tekst is uiteraard paradoxaal. We weten allemaal dat Albert zijn maatschappelijke positie aan aloude familiale structuren te danken heeft.]

de Vlaams-Nederlandse stichting Ons Vermogen in Rekkem

… over woorden en waarden, en wondere wandelingen in de taal

 

In 1957 startte de toen twintigjarige Jozef Deleu samen met Jan Delrue en Jozef Declercq het tijdschrift Ons Erfdeel, waarvoor in 1970 ook een gelijknamige Vlaams-Nederlandse stichting-uitgever (nu vzw) werd opgericht. Ons Erfdeel richtte zich aanvankelijk tot Franse, Belgische en Nederlandse Vlamingen, van Rijsel tot Middelburg, maar groeide allengs uit tot een toonaangevend cultureel tijdschrift voor Nederlandssprekenden en -kundigen wereldwijd. Anderstalige publicaties en websites verruimen het aanbod voor al wie in die lage landen is geïnteresseerd.
Ons Erfdeel is de wat eigenzinnige vertaling van Notre Patrimoine. Het eerste nummer (met Franse en Nederlandse teksten en een Frans Éditorial, 20 pagina’s, 250 exemplaren) heette trouwens Ons Erfdeel – Notre Patrimoine, en de vzw-uitgever, die veel aandacht aan culturele uitwisseling met Noord-Frankrijk besteedt, huist tot vandaag in Rekkem, op enkele meters van de Franse grens.

Alles goed en wel beschouwd had het tijdschrift ook Ons Kapitaal (!) of Ons Vermogen kunnen heten, want wat Franstaligen met patrimoine bedoelen, is kapitaal, en wordt in het Nederlands vaak vermogen genoemd.
Lees verder

de voetganger van de eenentwintigste eeuw ❧

Het wordt steeds moeilijker voor de voetganger op het trottoir, met al die wielen groot en klein, oud en nieuw, snel en sneller, met of zonder motor, zonder of met lawaai en stank, rijdend, slalommend, of gênant geparkeerd. Het aantal ongevallen neemt toe, en wanneer het niet de ongevallen zijn is er de hinder en de groeiende stress, en heimwee naar de tijd dat wielen enkel op de rijweg reden. Toen het trottoir nog een koninkrijk was. Een stad met auto’s in files, zelfs vervuilend, maar die tussen boordstenen bleven, zo slecht was dat nog niet.
Lees verder

« Oudere berichten Nieuwere berichten »

© 2019 moskenes.be

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑