Jef Van Staeyen

Categorie: Blog (Pagina 18 van 60)

ode aan de pcc-tram

 

 

(aangevuld op 14 december 2023, 30 april 2024 en 18 september 2024)

Ik weet het.
Met wat volgt ga ik enkele vrienden en medestrijders voor een beter openbaar vervoer tegen de borst stoten, tegen de kar rijden, op het paard zetten en in het harnas jagen. En op het verkeerde been én spoor zetten.
Daarom deze disclaimer: ook ik wens dat er op korte termijn méér ruime lage-vloertrams komen, en dat reizigers niet langer verplicht zijn zich in trams te hijsen, of eruit neer te dalen. Dat kan allemaal met hermelijnen en albatrossen, of met recentere trams. Op voorwaarde althans dat ook het perron of trottoir correct is uitgevoerd.

Toch schrijf ik hier graag, in vijftien punten, een ode aan de PCC-trams, die meer dan zestig jaar geleden in Antwerpen op de rails werden gezet, in de hoop dat de ironie — of is het cynisme? — daarbij niet verloren gaat.

 

  1. In een PCC-tram hoor of lees je nóóit verkeerde halte-aanduidingen.
    In moderne trams zijn er allerlei soorten schermen met halte-aanduiding, en wordt de (komende) halte aangekondigd. Het is een mooi en handig systeem, dat de reizigers kan helpen. Maar het is vaak uitgeschakeld, en wanneer het werkt is de gegeven informatie één keer op twee fout. De meest frequente afwijking bestaat erin dat de stations één halte te vroeg worden aangekondigd, maar ook volkomen foute informatie komt voor (“Groenplaats”, wanneer je aan het Sportpaleis bent). Bij een PCC (zonder informatie…) heb je dat probleem nooit.
  2. Op het koersbord van een PCC-tram is er nooit verwarring tussen herkomst en bestemming.
    Je ziet vaak trams (vooral op de lijnen 6 en 9, komt me voor) waar op het koersbord niet de bestemming maar de herkomst staat. Voorbeeld: de tram rijdt naar de Luchtbal, met als bestemming Olympiade erop. Vaak heb ik me afgevraagd wáár dat mocht zijn. Bij een PCC (waarvan het koersbord oorsprong én bestemming vermeldt) komt die fout niet voor.
    [Alhoewel: de koersborden van tram 12 zijn een ander verhaal.]
  3. Een PCC-tram heeft slechts één koplicht, zodat je hem niet men een bus verwart.
    Dit voordeel is vooral belangrijk als je staat te wachten aan een trambaan waar ook bussen rijden: Bredabaan, Noorderlaan, Antwerpsestraat… Al zijn op de eerste twee nagenoeg alle PCC’s verdwenen.
  4. Met een PCC zie je beter dat het jouw tram is, die komt.
    Enige tijd geleden heeft De Lijn aan (bijna) alle haltes borden aangebracht, waarop je “in real time” de wachttijden kan lezen. Deze aanduidingen zijn niet exact. Lees je dus dat je tram in aantocht is (de drie pijltjes ↓↓↓), of dat je 2 of 3 minuten moet wachten, dan zijn er drie mogelijkheden: (1) je hebt je tram gemist, (2) de aangeduide tram is afgeschaft, en de tijdsaanduiding is louter virtueel, (3) er komt een tram. Veel beter dan die kleine kans is het dus, aan de einder jouw tram te zien. Sta je aan halte Gounod van lijn 7, kan je van de trams aan de Harmonie al zien of er PCC’s bij zijn. Een PCC is een 7.
  5. De PCC-trams worden nog zelden met reclame beplakt, wat bij de andere trams vaak gebeurt.
  6. Een PCC-tram heeft meer deuren.
    [OK, er zitten steile trappen aan.]
  7. In een PCC-tram mag je langs de voorste deur instappen.
  8. In een PCC-tram zijn er meer handgrepen, zodat je vaste hand hebt wanneer je naar de uitgang gaat.
  9. Een PCC-tram biedt meer rijcomfort, zowel in de rechte stukken als in de bochten.
    [OK, de staart van een getrokken PCC kan al eens bruusk door de bochten gaan wanneer de neus van de trekkende tram — en dus de wattmens — al op rechte stukken rijdt.]
  10. In een PCC-tram zit je hoger, en heb je een mooier uitzicht.
  11. PCC-trams zijn rijkelijk beglaasd. Het is alsof je in een glazen kooi door de straten rijdt.
  12. PCC-trams zijn ontworpen als een geheel.
    Zelfs vandaag, meer dan zestig jaar na de ingebruikname, en na meerdere aanpassingen, zie je nog steeds dat PCC-trams ontworpen zijn als een geheel, zoals men dat ook voor auto’s doet (of voor trams in steden als Valenciennes en Straatsburg — of recentelijk voor de CAF-trams). Elk onderdeel beïnvloedt elk ander onderdeel, en het ontwerp is pas af als alle onderdelen af zijn. Hermelijnen en (in mindere mate) Albatrossen (maar vaak ook lijnbussen) zijn samengesteld uit onderdelen die wat toevallig zijn samengebracht, tot er uiteindelijk een tram of bus ontstond.
  13. PCC-trams zijn onbeschroomd modern. Ze ademen het optimisme van de tijd toen ze ontworpen zijn.
  14. Toegegeven, er zit ook wat nostalgie aan die PCC’s.
  15. PCC-trams zijn duurzaam, en circulair.
    Nu alles, ondanks de discoursen over duurzaamheid, zo snel stuk en verouderd is, mag de duurzaamheid van de trams extra in de bloemetjes worden gezet. De inspanningen die toen geleverd zijn om die trams te ontwerpen en te bouwen, de energie en de materialen zijn sinds lang afgeschreven.
    En dat trams, met steeds nieuwe reizigers op steeds nieuwe ritten, circulair zijn, laat daar geen twijfel aan bestaan.

 

Watou, de betovering is niet meer

Het moest ervan komen: de betovering van de plek is niet meer.
Dertig jaar lang was Watou voor mij een prachtig huwelijk tussen beeldende kunst, lees-bare en hoor-bare poëzie, en betoverende landschappen. Plus een aangename dag in een mooie streek. Watou bestond door de verlaten en vervallen huizen en hoven, schuren en stallen onder de regen of de zomerzon. Watou stelde ook de vraag, geef ik toe, aan de stedeling die ik ben, hoe de mensen in die huizen en hoven konden wonen en werken.
Het was voelbaar soms, de voorbije jaren, dat die magische plekken verdwenen. Watou wordt gemoderniseerd, en dat kan niemand worden verweten. Ook Watou loopt mee in de vaart der dorpen en steden…

Nu is het zover: het Watou in Watou is gekrompen tot een parochiezaal, één huis, de brouwerij, de kerk en twee parkjes. De betovering, de verrassing en de verwondering is verdwenen. Als compensatie verwijst Watou 2021 de bezoeker naar kasteel De Lovie, dat met de wereld van Watou weinig of niets te maken heeft.
Al wat Watou me nu nog brengt, zijn herinneringen aan hoe mooi het geweest is.

 

 

Misschien had ik “Watou 2019, nu weet ik wat saudade is” moeten herlezen voor ik ging.
[Lees ook Watou 2018, en andere jaren — Watou 2009 — Watou 1999. ]

behandel de cargofiets als een auto, wat hij in de stad ook is

“Koeriers zeggen zonder uitzondering heil te zien in veel meer leveringen in stadscentra met cargofietsen in plaats van met bestelwagens”, schrijft Pieter Van Maele op dinsdag 20 juli 2021 in De Standaard, onder de titel “Parkeerplek zoeken? daar heeft de koerier geen tijd voor”. Het verhaalt toont, aan de hand van foto’s uit Bpost parking failure map en interviews met koerierbedrijven, hoe pakjesbezorgers vaak parkeerovertredingen begaan, en op fiets-, voet- of zebrapaden staan.

De voorgestelde oplossing — de cargofiets — is erger dan de kwaal. In de plaats van soms op een voet- of fietspad te parkeren, zoals die bestelwagens doen, zal er altijd op een fiets- en vooral voetpad worden geparkeerd — zoals de wegcode nu (nog) toelaat. En er zal vooral op voet- en fietspaden worden gereden, en in voetgangersstraten.

Voor de wegcode is zo’n cargofiets een fiets, ondanks zijn volume en zijn kracht. Dus maakt hij gebruik — en misbruik — van de rechten die de fietsen werden toegekend, omtrent rijden en parkeren, en van het gedoogbeleid terzake. Nu steden meer en meer “zone 30” worden — gelukkig maar — moeten we er ons bewust van zijn dat cargofietsen, althans in de stad, veeleer bestelwagens dan fietsen zijn. En wordt het tijd ze aan de regelgeving voor auto’s te onderwerpen, zowel wat betreft hun plaats op de weg, als voor het parkeren. Als we dat niet durven te doen, wordt het voetgangers- en fietsersdomein dra onleefbaar.

De oplossing is : (één) minder pakjes, (twee) meer geduld, en (drie) minder parkeer- maar meer leveringsplaatsen op de openbare weg, zodat (bestel)wagens, cargofietsen, bakfietsen etc., van pakjesbedrijven en particulieren, makkelijker en voor korte tijd een regulier en niet hinderend plaatsje vinden — en de parkeerdruk op het openbaar domein meteen verminderd wordt. En dus ook en vooral: een regelgeving die de cargofietsen in de stad behandelt voor wat ze zijn : bestelwagens, geen fietsen.

Post scriptum: Wie de foto’s van de Bpost parking failure map goed bekijkt, zal zien dat het foutparkeren op voet- en fietspaden vaak gebeurt in nabijheid van zeer brede rijwegen — waar ook plaats is om (fout) te staan. Het is een bekend fenomeen : automobilisten willen vooral niet op de rijweg blijven staan, ook al is die breed genoeg. Aan die houding mag wel eens wat veranderen.

« Oudere berichten Nieuwere berichten »

© 2026 moskenes.be

Thema gemaakt door Anders Noren — Boven ↑